Bij continu-biologieën wordt nog meestal het water-slib mengsel geklaard over een nabezinktank. Vaak is het juist deze nabezinktank die voor problemen zorgt (licht slib en nog te veel zwevende stoffen in het effluent)
Om dit probleem van te veel aan zwevende stoffen te verhelpen wordt dit effluent dan over een Effluent-Polishing-DAF / flotatie gestuurd om een verdere klaring te bekomen.
Om het rendement aan CZV-, fosfaat- en zwevende stof-verwijdering te verhogen kan op het effluent van de nabezinker eveneens een fysico-chemie aan de flotatie voorafgaan.
Deze bijkomende effluentbehandeling kan bij "moeilijk biologisch afbreekbare waters" een bijkomende CZV-verwijdering van 40% realiseren en het herleiden van fosfaatconcentraties tot < 1 mg/l.
Bijkomend heeft het bekomen flotatieslib al een droge stofgehalte van >4%, waardoor het spuislibvolume al drastisch is afgenomen.
De effluent-polishing-DAF wordt dan ook vaak gebruikt:
In een effluent-Polishing-DAF is het de bedoeling om voornamelijk zwevende stoffen te verwijderen. Dit met behulp van "bruiswater".
De microscopische luchtbelletjes (20 tot 50 micron) van het bruiswater hechten zich als ballonnetjes aan de vuildeeltjes en brengen deze aan de oppervlakte van de flotatie.
Dit flotatieslib wordt ingedikt door middel van een slibindikkingsrooster.
Het ingedikte slib wordt dan met aangedreven schrapers verzameld in een slibbak.
Het droge stofgehalte van het slib kan bijgestuurd worden door een eenvoudige niveauregeling van de flotatie of door een instelling van de schrapersnelheid.
Het benodigde bruiswater wordt via een recirculatie van gezuiverd water geproduceerd in het saturatievat.
Een effluent-polishing-DAF is meestal uitgerust met een bijkomend platenpakket om zo een maximale zwevende stof-verwijdering te bekomen.
In het saturatievat van een AAQUA-DAF wordt een met lucht verzadigd water geproduceerd onder een druk van 5 à 6 bar.
Dit gepressuriseerde en met lucht verzadigd water wordt dan in de flotatie door bruiswaterinjectoren geïnjecteerd en door de ontspanning verkrijgt men het "bruiswater". Dit bruiswater is verzadigd met microscopische luchtbellen van +/- 50 micron. Deze microbellen hechten zich vervolgens op de vlokjes waardoor deze naar de opervlakte worden gebracht.
Door de laminaire stroming in het platenpakket kunnen een verregaande scheiding en optimale reducties in zwevende stoffen bekomen worden.
Het platenpakket vergroot de effectieve oppervlakte van de flotatie of bezinker. Men bekomt veel compactere installaties.
Hierdoor heeft men voor dezelfde debieten een veel kleinere vloeroppervlakte nodig.
Het slibindikkingsrooster is van groot nut om een zo droog mogelijk slib te bekomen. Door gravitaire slibontwatering gaat de hoeveelheid afgeschraapt slib sterk verminderen. U bekomt hierdoor nog verpompbaar slib met een hoog droge stof gehalte.
Enkel het bovenliggende en meest ontwaterde slib wordt afgeschraapt naar het slibcompartiment.
De slibschraper bestaat uit meerdere geprofileerde schraperbladen, d.m.v. RVS kettingen aangedreven. Via een instelbare tijdssturing kan men zo de consistentie van het afgeschraapte slib bepalen. De scharperbladen zijn voorzien van soepele kunststof boorden.
De AAQUA-DAF Flotatie is eveneens standaard voorzien van een slibcompartiment. Dit compartiment is voorzien van sterk hellende vlakken om zo het slib naar de zuigmond van de slibpomp te leiden. Van hieruit kan het slib dus rechtstreeks verpompt worden naar een slibsilo of slibindikkingsinstallatie.
De slibpomp kan via een hydrostatische- of laser-niveau-meting aangestuurd worden.
De AAQUA-DAF Flotatie is standaard voorzien van een effluentcompartiment. In dit compartiment kan eveneens een pH correctie gebeuren. Indien het effluent moet verpompt worden dan moet er geen bijkomende pompput voorzien worden. Er kan rechtstreeks vanuit het effluentcompartiment verpompt worden met droog opgestelde pompen of met dompelpompen gemonteerd in het effluentcompartiment van de DAF.