Bioslib-DAF

Technologie

Bij continu-biologieën wordt nog meestal het water-slib mengsel geklaard over een nabezinktank. Vaak is het juist deze nabezinktank die voor problemen zorgt (licht slib en nog te veel zwevende stoffen in het effluent)

Er kan echter ook gekozen worden om het water-slib-mengsel rechtstreeks over een flotatie (Dissolved Air Flotation of DAF)te laten klaren, dus zonder nabezinker.

Een Bioslib-DAF bespaart veel ruimte en de investering in een nabezinktank.

Meestal wordt er ook een lichte dosering gedaan van vlokmiddel (polymeer) om de vlokvorming en het scheidingsrendement te verbeteren.

Hiermee kan men zelfs met licht slib toch ook een helder effluent bekomen.

Bijkomend heeft het bekomen flotatieslib al een droge stofgehalte van >4%, waardoor het spuislibvolume al drastisch is afgenomen.

De Bioslib-DAF wordt dan ook vaak gebruik:

  • als nabehandeling na een continue aërobe zuivering ter vervanging van een nabezinker
  • als restfosfaatverwijderingsstap
  • als slibscheiding bij 2-trapsbiologiën met slibscheiding
  • bij aërobe zuiveringen met relatief slechte bezinkkwaliteit van het biologisch slib.
  • om economische redenen en plaatsgebrek
  • als een meer betrouwbare en efficiëntere slibscheidingstechniek dan de klassieke nabezinker 
  • voorindikker van spuislib voor slibafvoer of verdere slibbehandeling
In een Bioslib-DAF is het de bedoeling om de slibvlokken van het effluent te scheiden. Dit met behulp van "bruiswater".

De microscopische luchtbelletjes (20 tot 50 micron) van het bruiswater hechten zich als ballonnetjes aan de vuildeeltjes en brengen deze aan de oppervlakte van de flotatie.

Het benodigde bruiswater wordt via een recirculatie van gezuiverd water geproduceerd in het saturatievat.

Bij een Bioslib-DAF moet er heel veel bruiswater geproduceerd worden om al de slibvlokken met bruiswater te kunnen verzadigen. Een goede dimensionering van het recirculatiedebiet en de grootte van het saturatievat en de recirculatiepomp zijn hier dus van primordiaal belang.

Dit flotatieslib wordt maximaal ingedikt door middel van een slibindikkingsrooster.

Het ingedikte slib wordt dan met aangedreven schrapers verzameld in een slibbak. Een droge stof-gehalte van het flotatieslib van 3 à 4 % DS is realistisch.

Het droge stofgehalte van het slib kan bijgestuurd worden door een eenvoudige niveauregeling van de flotatie of door een instelling van de schraperssnelheid.

Een Bioslib-DAF is meestal uitgerust met een bijkomend platenpakket in het laatste deel van de DAF om zo ook de kleinste slibvlokken maximaal te verwijderen.

Komt voor in

Biologische zuiveringBiologische zuivering

Foto's uit de praktijk

Verwante referenties